Vandaag het nieuwe excursieseizoen van vogelwacht Utrecht geopend met een dagje Biesbosch. Met acht mensen op pad en in een context van wijde wateren, ondoorgrondelijke moerasbossen en gouden rietoevers op zoek naar de lokale specialiteiten en wie weet wat leuke extra's. Het was een prachtige zomerdag, bijna te mooi: volop zon, na een frisse start weer behoorlijk warm en uiteraard geen druppel regen.
Wat betreft de lokale specialiteiten: al in de muggenwaard, ondergelopen polderland teruggegeven aan de natuur, vloog een visarend over. Eigenlijk waren we op zoek naar leuke steltjes. Die waren er nauwelijks maar deze arend maakte veel goed, zeker toen hij ook nog eens een tijdje ging staan bidden. En toen poelruiter werd terug gemeld, gisteren gevonden langs ‘Pannenkoek’ aan de rand van polder Hardenhoek, leek ook de eerste leuke extra in de maak en begonnen zich al de contouren te vormen van een uiterst succesvolle herstart van het excursieseizoen.
Te Pannenkoek was poelruiter eigenlijk betrekkelijk vlot gevonden, al was-ie door de vegetatie tussen het voetpad en het slikkige watertje waar de vogel zich bevond, lang niet altijd gemakkelijk te zien. Maar was-ie dat wel, dan was-ie prachtig: een mooi, klein en rank ruitertje tussen de veel grotere en grover gebouwde groenpootruiters. Lange poten, een overwegend wit gezichtje, een fijn, recht snaveltje en de determinatie was rond.
De volgende fijne soort die zich aanbood was koereiger. Eerst probeerden we die langs de Deeneplaatweg, maar daar zagen we er alleen eentje overvliegen. Vooral voor diegenen onder ons die nog nooit een koereiger hadden gezien, maar eigenlijk voor ons allemaal was dat ontoereikend. Dus gingen we met het pondje naar de Kop van ’t Land, aan de overkant van de Nieuwe Merwede. Daar waren er vanmorgen liefst 22 gemeld. Die zaten er lang niet allemaal meer maar de zes die er nog wel zaten, foeragerend tussen een stel koeien, die waren prachtig. Sommige waren zelfs nog in broedkleed, met fraaie rossige tinten.
We sloten af met Hania’s Polder in de Nieuwe Dordtse Biesbosch. Langs de rietrand foerageerden daar enkele leuke ralletjes. Vanaf een metalen loopbrug hadden we er prachtig zicht op. Minstens twee waterrallen lieten zich af en toe mooi vrij zien en op slikrandjes zaten een of twee blauwborsten, maar hoogtepunt was wel het porseleinhoen dat zich op zeker moment zelfs op amper tien meter afstand liet bekijken. Helemaal vrij en vol in de telescoop: ik kan me niet heugen deze meestal toch schuwe soort ooit eerder zo fraai gezien te hebben. Het was een prachtig begin van het nieuwe excursieseizoen van vogelwacht Utrecht.
21 augustus 2022
woensdag 24 augustus 2022
Leuke soorten
Als vogelaar wil je ook af en toe een leuke soort opstrijken. Dat geldt althans voor veel van ons. Mij lukte dat de laatste tijd even niet zo goed. Zo was ik gisteren naar Soesterberg, de voormalige luchtmachtbasis, voor duinpiepers die daar de vorige dag gezien waren. Helaas, geen duinpiepers meer. Wel een mooie zomerdag en wat veldjes bloeiende hei die paars opblonken temidden van de vergeelde steppe, en wel het altijd wat absurdistische maar wat mij betreft ook bezienswaardige decor van bunkers, hangars en stroken asfalt die hun oorspronkelijke functie hebben verloren en nu nog slechts dienst doen om ons aan de oorspronkelijke functie van dit landschap en de daaraan onlosmakelijk verbonden historische context te herinneren. Wel alweer diverse tapuiten en paapjes en op het hek langs de basis een vrouwtje gekraagde roodstaart: de vogeltrek is alweer in volle gang. Wel twee juveniele grauwe klauwieren en wel een prachtige wespendief eerst hoog maar later minder hoog boven ons. En volop vlinderend: gaver dan zo'n duinpieper, zeg je dan tegen elkaar, natuurlijk nadat je zo'n duinpieper gedipt hebt.
Maar dus niet de beoogde leuke soort. Die moest vandaag dan maar. Daarom toen daar de lachsterns weer gemeld waren, na het trektellen (paapjes en grauwe vliegenvangers onder andere) met de trein naar Zoetermeer en van daar naar de Nieuwe Driemanspolder gefietst. Dat leek me wel een zekerheidje: zitten er al meer dan een week en worden elke dag gezien. Maar daar aangekomen: lachsterns al enkele uren uit beeld. Leken vertrokken. Tsja, soms moet je daar even doorheen, op een keer komt alles weer goed. Dat geldt voor bijna alles in het leven, niet waar? (Althans, voor een welgestelde westerling, blank en man bovendien en van goede gezondheid voor zover ik weet.) Ik troostte me dan maar met een fraaie bosruiter, een kleine zilverreiger als een engeltje zo mooi, een paar bonte strandlopers, een kemphaan en twee geoorde futen. Onder andere. We waren alweer een dik uur verder en ik was al begonnen met me af te vragen al hoe lang ik hier nog ging blijven, toen ze daar ineens toch weer waren: twee lachsterns. Moeder (nou ja, dat nemen we maar even aan) en kind. En die gaven vervolgens een geweldige show weg. Het jonge beest zat meest vrij dichtbij op een soort grindbank te bedelen en te wachten tot moeder weer een hapje kwam brengen. En moeder was in de buurt op jacht, soms vlak voor of achter ons, en kwam af en toe haar kind een hapje brengen. Het was een onvergetelijke belevenis. En dus is het inderdaad weer helemaal goed gekomen.
20 augustus 2022
Maar dus niet de beoogde leuke soort. Die moest vandaag dan maar. Daarom toen daar de lachsterns weer gemeld waren, na het trektellen (paapjes en grauwe vliegenvangers onder andere) met de trein naar Zoetermeer en van daar naar de Nieuwe Driemanspolder gefietst. Dat leek me wel een zekerheidje: zitten er al meer dan een week en worden elke dag gezien. Maar daar aangekomen: lachsterns al enkele uren uit beeld. Leken vertrokken. Tsja, soms moet je daar even doorheen, op een keer komt alles weer goed. Dat geldt voor bijna alles in het leven, niet waar? (Althans, voor een welgestelde westerling, blank en man bovendien en van goede gezondheid voor zover ik weet.) Ik troostte me dan maar met een fraaie bosruiter, een kleine zilverreiger als een engeltje zo mooi, een paar bonte strandlopers, een kemphaan en twee geoorde futen. Onder andere. We waren alweer een dik uur verder en ik was al begonnen met me af te vragen al hoe lang ik hier nog ging blijven, toen ze daar ineens toch weer waren: twee lachsterns. Moeder (nou ja, dat nemen we maar even aan) en kind. En die gaven vervolgens een geweldige show weg. Het jonge beest zat meest vrij dichtbij op een soort grindbank te bedelen en te wachten tot moeder weer een hapje kwam brengen. En moeder was in de buurt op jacht, soms vlak voor of achter ons, en kwam af en toe haar kind een hapje brengen. Het was een onvergetelijke belevenis. En dus is het inderdaad weer helemaal goed gekomen.
20 augustus 2022
woensdag 10 augustus 2022
Müllerthal
Tot besluit een spektakeltocht naar de regio Müllerthal. Met bus na bus, uren onderweg, vertragingen en onvolledige informatie op de OV app waardoor ons op het eind in Echternach nog slechts anderhalf uur restte, wat weinig is voor een stadje als Echternach. Ons enthousiasme over het openbaar vervoer in Luxemburg heeft er wel een klein knauwtje van gekregen.
Maar eerste Müllerthal zelf, en omgeving. En dan met name de vermaarde waterval met de wat bizarre naam Schiessentümpel, naar verluidt de mooiste van Luxemburg. Die was eerlijk gezegd niet helemaal zo spectaculair als ik me had voorgesteld. Het zal wel met de zomerse droogte te maken hebben dat we ons tevreden moesten stellen met een paar pisstraaltjes die over een paar meter rots omlaag druppelden. Maar de omgeving was prachtig. Steile hellingbossen, spectaculaire rotspartijen, griezelige klimpaadjes en grazige bergweiden. Het gebied wordt niet voor niets Luxemburgs Klein Zwitserland genoemd.
En die anderhalve uur Echternach, de oudste stad van Luxemburg, waren wel besteed. Vooral in het buurtje rond het oude klooster / de Willibrorduskathedraal geweest en het is imposant daar. Een machtig kerkgebouw met vier stoere torens, een fraai neoklassiek front aan een sjiek plein, schattige pleintjes in zoete pasteltinten, de toeristenindustrie weet daar wel raad mee.
De wouwen waren weer goed geregeld vandaag: paar rode op de heenweg en twee zwarte terug. Allemaal vanuit de bus dus, zoals eigenlijk de meeste (zeker als we de trein mogen meetellen). Ter plaatse in Müllerthal vooral kortsnavelboomkruiper: veel gehoord en vluchtig gezien. Iepenpage en keizersmantel en in Echternach eindelijk turkse tortel.
Maar eerste Müllerthal zelf, en omgeving. En dan met name de vermaarde waterval met de wat bizarre naam Schiessentümpel, naar verluidt de mooiste van Luxemburg. Die was eerlijk gezegd niet helemaal zo spectaculair als ik me had voorgesteld. Het zal wel met de zomerse droogte te maken hebben dat we ons tevreden moesten stellen met een paar pisstraaltjes die over een paar meter rots omlaag druppelden. Maar de omgeving was prachtig. Steile hellingbossen, spectaculaire rotspartijen, griezelige klimpaadjes en grazige bergweiden. Het gebied wordt niet voor niets Luxemburgs Klein Zwitserland genoemd.
En die anderhalve uur Echternach, de oudste stad van Luxemburg, waren wel besteed. Vooral in het buurtje rond het oude klooster / de Willibrorduskathedraal geweest en het is imposant daar. Een machtig kerkgebouw met vier stoere torens, een fraai neoklassiek front aan een sjiek plein, schattige pleintjes in zoete pasteltinten, de toeristenindustrie weet daar wel raad mee.
De wouwen waren weer goed geregeld vandaag: paar rode op de heenweg en twee zwarte terug. Allemaal vanuit de bus dus, zoals eigenlijk de meeste (zeker als we de trein mogen meetellen). Ter plaatse in Müllerthal vooral kortsnavelboomkruiper: veel gehoord en vluchtig gezien. Iepenpage en keizersmantel en in Echternach eindelijk turkse tortel.
Niets om het lijf
Dit stukje kunt u misschien wel overslaan. Vandaag had niets om het lijf. Al is een dag die niets om het lijf heeft op vakantie ook heel prettig. Misschien buiten de vakantie ook wel. Of ben ik nu een oersaaie burgerlul? Vandaag weer boodschappen gedaan in Ettelbruck: een eens-in-de-twee-daagse onderneming, een halve dagbesteding, een verzetje. De bustocht, het centrumpje van Ettelbruck met zijn winkelstraten en pleintjes, een terrasje: we raken er al aardig thuis. En altijd wel ergens een rode wouw, meestal uit de bus.
En in de namiddag effe met Renske en (deels) met Harriët heen en weer naar de Napoleonboom. Grijs vandaag, miezerig en fris. Mooie rode wouw weer. Nog elke dag minstens één rode wouw tot nu toe hier.
Donderdag 7 juli 2022
Verder in Luxemburg: Mullerthal
En in de namiddag effe met Renske en (deels) met Harriët heen en weer naar de Napoleonboom. Grijs vandaag, miezerig en fris. Mooie rode wouw weer. Nog elke dag minstens één rode wouw tot nu toe hier.
Donderdag 7 juli 2022
Verder in Luxemburg: Mullerthal
Een tocht en een tochtje
Twee mooie tochten weer vandaag. Nou ja, een tocht en een tochtje. Vanmorgen voor het ontbijt in mijn eentje achter de kerk van Bourscheid omhoog het land in. Tot aan een bosrand en langs de bosrand tot aan een oud en vervallen, verlaten vakantieparkje. Centre de vacanses ‘Les Ardennes’, was te lezen op een oud en half overwoekerd bord. Oude houten chaletjes maar geen mensen en vooral: geen auto's. Asfalt bedekt met centimeters dik mos, verdwenen verkeersborden, overwoekerde pleintjes. Op internet was er niets van terug te vinden, dat zegt tegenwoordig alles. Wat niet op internet staat, bestaat niet. Geluidjes van onder andere middelste bonte specht, kortsnavelboomkruiper, groene specht en goudvink, maar niets kunnen vinden.
Vanmiddag met Harriët en Renske naar Goebelsmühle gewandeld. Spectaculaire wandeling hoog over steil hellingbos. Af en toe over griezelige klimpaadjes langs diepe afgronden maar ook langs mooie uitzichten in de diepte, op het kasteel in de verte en op rustieke hellingweiden. Eenmaal beneden op het intercitystation van Goebelsmühle, zelf nauwelijks meer dan pakweg zeven huizen en 34 inwoners rijk, de trein genomen naar Ettelbruck en de bus terug naar Bourscheid.
Wat vogels betreft was het best aardig vandaag, met op de camping roepende kleine bonte specht en tijdens de wandeling zomertortel en eindelijk mooi middelste bonte specht. Verder zoals inmiddels bekend hier: de dagelijkse rode wouw, zingende geelgorzen, massa zwartkoppen, tuinfluiter en zwarte roodstaart natuurlijk, echt vakantie dus maar nog steeds géén spreeuw, géén turkse tortel en géén heggenmus, onder andere.
Vanmiddag met Harriët en Renske naar Goebelsmühle gewandeld. Spectaculaire wandeling hoog over steil hellingbos. Af en toe over griezelige klimpaadjes langs diepe afgronden maar ook langs mooie uitzichten in de diepte, op het kasteel in de verte en op rustieke hellingweiden. Eenmaal beneden op het intercitystation van Goebelsmühle, zelf nauwelijks meer dan pakweg zeven huizen en 34 inwoners rijk, de trein genomen naar Ettelbruck en de bus terug naar Bourscheid.
Wat vogels betreft was het best aardig vandaag, met op de camping roepende kleine bonte specht en tijdens de wandeling zomertortel en eindelijk mooi middelste bonte specht. Verder zoals inmiddels bekend hier: de dagelijkse rode wouw, zingende geelgorzen, massa zwartkoppen, tuinfluiter en zwarte roodstaart natuurlijk, echt vakantie dus maar nog steeds géén spreeuw, géén turkse tortel en géén heggenmus, onder andere.
Esch sur Sure
Vandaag oude herinneringen deel 2. Het is natuurlijk geen wereldgeschiedenis, maar het is wel een stukje van mijn geschiedenis. Mijn geschiedenis als middelbare scholier, onzeker, twijfelend, nou ja, wie kent dat niet?
Vandaag stond Esch sur Sure op het programma. Niet alleen om nostalgische redenen overigens, al speelden die natuurlijk wel mee. Esch sur Sure is ook een van de mooiste en meest authentieke dorpjes in Luxemburg, zegt iedereen die het weten kan. ‘Verschillende oude smalle straatjes nemen je mee terug naar lang vervlogen tijden. De belangrijkste bezienswaardigheid is de kasteelruïne. Deze is te bereiken via een steile klim over eeuwenoude kinderkopjes. Opgravingen hebben geleerd dat het kasteel in de eerste helft van de negende eeuw gebouwd is, wat betekent dat dit het oudste kasteel van Luxemburg is’.
De dag begon, zoals zo vaak hier, met een prachtige bustocht. Van Bourscheid naar Heiderscheid over het dak van de Luxemburgse Ardennen. Half uurtje wachttijd in Heiderscheid waar niet veel te beleven was. En omlaag naar Esch, in de kelder van de Ardennen.
Die bus- (en af en toe trein-)reizen, dat gratis openbaar vervoer, dat is toch wel één van de zegeningen van onze dagen hier. Zomaar zo’n bus in te kunnen stappen, niemand die om een kaartje vraagt, en weer uitstappen waar je eruit wilt, heerlijk.
We begonnen bij de stuwdam. In heel zijn kolossaliteit toch mooi en elegant van vorm. Mooie ronding, mooie zichten op het meer en op de diepte aan de andere kant, en enige tijd een fraaie wespendief in de lucht.
Daarna het stadje zelf. Langs de Sure, hier een soort kanaal diep onder ons, liepen we erheen en daar lag het ineens, in 45 jaar schijnbaar niets veranderd: de eenzame wachttoren, daarachter de kasteelruïne, daarachter het kerktorentje en eromheen de verzameling huizen en straatjes die oprijst in de bocht in de Sure. Historische grond: ik was hier als vijftienjarige. Sindsdien is er veel veranderd, in de wereld, in mijn leven, maar zo te zien niet in Esch sur Sure. Misschien is het nog een tikkeltje toeristischer geworden, misschien wonen er nu helemaal geen lokale mensen meer, er zijn ook geen gewone winkels, geen supermarkt meer zagen we op internet, dus nog meer dan destijds is het louter gericht op het ontvangen van toeristen. Maar een prachtige plek is het nog steeds.
In mijn eentje (de anderen gingen zwemmen in het stuwmeer) een wandeling langs de Sure gemaakt. Aanvankelijk een langgerekt, niet onfraai meer dat stil en roerloos tussen de heuvels ligt, een soort ministuwmeer, maar na een ministuwdam verderop als het ware vrijgelaten en verjongd tot een wild bergriviertje. Al was het helaas niet wild genoeg voor waterspreeuw.
Op de terugweg boodschappen gedaan in Heiderscheid: voelde een beetje als vreemdgaan maar was wel grappig.
Vandaag stond Esch sur Sure op het programma. Niet alleen om nostalgische redenen overigens, al speelden die natuurlijk wel mee. Esch sur Sure is ook een van de mooiste en meest authentieke dorpjes in Luxemburg, zegt iedereen die het weten kan. ‘Verschillende oude smalle straatjes nemen je mee terug naar lang vervlogen tijden. De belangrijkste bezienswaardigheid is de kasteelruïne. Deze is te bereiken via een steile klim over eeuwenoude kinderkopjes. Opgravingen hebben geleerd dat het kasteel in de eerste helft van de negende eeuw gebouwd is, wat betekent dat dit het oudste kasteel van Luxemburg is’.
De dag begon, zoals zo vaak hier, met een prachtige bustocht. Van Bourscheid naar Heiderscheid over het dak van de Luxemburgse Ardennen. Half uurtje wachttijd in Heiderscheid waar niet veel te beleven was. En omlaag naar Esch, in de kelder van de Ardennen.
Die bus- (en af en toe trein-)reizen, dat gratis openbaar vervoer, dat is toch wel één van de zegeningen van onze dagen hier. Zomaar zo’n bus in te kunnen stappen, niemand die om een kaartje vraagt, en weer uitstappen waar je eruit wilt, heerlijk.
We begonnen bij de stuwdam. In heel zijn kolossaliteit toch mooi en elegant van vorm. Mooie ronding, mooie zichten op het meer en op de diepte aan de andere kant, en enige tijd een fraaie wespendief in de lucht.
Daarna het stadje zelf. Langs de Sure, hier een soort kanaal diep onder ons, liepen we erheen en daar lag het ineens, in 45 jaar schijnbaar niets veranderd: de eenzame wachttoren, daarachter de kasteelruïne, daarachter het kerktorentje en eromheen de verzameling huizen en straatjes die oprijst in de bocht in de Sure. Historische grond: ik was hier als vijftienjarige. Sindsdien is er veel veranderd, in de wereld, in mijn leven, maar zo te zien niet in Esch sur Sure. Misschien is het nog een tikkeltje toeristischer geworden, misschien wonen er nu helemaal geen lokale mensen meer, er zijn ook geen gewone winkels, geen supermarkt meer zagen we op internet, dus nog meer dan destijds is het louter gericht op het ontvangen van toeristen. Maar een prachtige plek is het nog steeds.
In mijn eentje (de anderen gingen zwemmen in het stuwmeer) een wandeling langs de Sure gemaakt. Aanvankelijk een langgerekt, niet onfraai meer dat stil en roerloos tussen de heuvels ligt, een soort ministuwmeer, maar na een ministuwdam verderop als het ware vrijgelaten en verjongd tot een wild bergriviertje. Al was het helaas niet wild genoeg voor waterspreeuw.
Op de terugweg boodschappen gedaan in Heiderscheid: voelde een beetje als vreemdgaan maar was wel grappig.
Aan de andere kant van de weg
Vanmorgen in mijn eentje geprobeerd een wandeling te vinden aan de andere kant van de weg naar Bourscheid, zo'n beetje voorbij Laurentides, de blokkendoos die zou moeten dienen als vakantieparadijs maar waarover de recensies op internet zo weinig paradijselijk zijn en waar we dan ook nooit iemand zien. Mijn poging is mislukt: alle weggetjes daar liepen radicaal dood, ook voor wandelaars. Maar niet getreurd: achter de kerk vond ik een veelbelovend begin de andere kant op en uiteindelijk belandde ik in het prachtigste hellingbos. Boommonumenten die stijl uit de diepte verrijzen, langs het pad dicht warrelende struwelen en glooiend afdalende ruige weiden. IJle geluidjes van kortsnavelboomkruiper en braamparelmoervlinder nu zo dichtbij dat ik er een acceptabele foto van kon maken die de goedkeuring kon wegdragen zowel van Obsmapp als van Toon.
Vanmiddag met zijn drieën (Esther bleef op de camping) alsnog een prachtige wandeling gemaakt aan de andere kant van de weg naar Bourscheid, aan de overkant van het Suredal, waar we vanaf de camping zicht op hebben (maar waarop niet?). Ongeveer waar ik vanmorgen naar op zoek was. Daarvoor moet je dus helemaal naar het begin van Bourscheid (vanaf de bus uit Ettelbruck gerekend). Daar kun je omhoog over de hooggelegen akkers waar we vanaf de camping … Een rode wouw stal de show. Ja, die zien we hier iedere dag maar toch kan-ie nog steeds de show stelen want wat een prachtige vogel. Deze joeg langdurig dicht om ons heen. Verderop verdwenen we in het bos en uiteindelijk daalden we af over een fraaie half open helling waar we vanaf de camping … (we konden inderdaad de camping zien liggen), met prachtig uitzicht op het kasteel en op Bourscheid, omlaag naar Michelau. Opnieuw een rode wouw, dit keer hoog boven ons, langs het pad een struikje met wel vijf braamparelmoervlinders, roepjes van kortsnavelboomkruiper en met de bus terug.
Vanmiddag met zijn drieën (Esther bleef op de camping) alsnog een prachtige wandeling gemaakt aan de andere kant van de weg naar Bourscheid, aan de overkant van het Suredal, waar we vanaf de camping zicht op hebben (maar waarop niet?). Ongeveer waar ik vanmorgen naar op zoek was. Daarvoor moet je dus helemaal naar het begin van Bourscheid (vanaf de bus uit Ettelbruck gerekend). Daar kun je omhoog over de hooggelegen akkers waar we vanaf de camping … Een rode wouw stal de show. Ja, die zien we hier iedere dag maar toch kan-ie nog steeds de show stelen want wat een prachtige vogel. Deze joeg langdurig dicht om ons heen. Verderop verdwenen we in het bos en uiteindelijk daalden we af over een fraaie half open helling waar we vanaf de camping … (we konden inderdaad de camping zien liggen), met prachtig uitzicht op het kasteel en op Bourscheid, omlaag naar Michelau. Opnieuw een rode wouw, dit keer hoog boven ons, langs het pad een struikje met wel vijf braamparelmoervlinders, roepjes van kortsnavelboomkruiper en met de bus terug.
Abonneren op:
Posts (Atom)





















