‘Zoekt de here, terwijl hij zich laat vinden’, las ik op een bord langs de Middenweg bij Anna Paulowna. Ik vond het maar een vreemde opdracht, want hoe weet ik nou wanneer hij zich laat vinden? Zal ik hem toch eerst moeten zoeken. Het was niet veel anders dan met die blonde ruiter eigenlijk. Die moest ik ook zoeken, in de hoop dat-ie zich een keer liet vinden. En ook die wilde niet zo lukken. Net als de here, die kan ik ook nooit vinden.
Het waren de weersvoorspellingen die me de weg naar Anna Paulowna hadden gewezen, ook wel een beetje Bijbels eigenlijk: veel regen overal in het land en alleen in het noordwesten grotendeels droog en mogelijk zelfs wat zon in de middag. Ik weet niet hoe het in de rest van het land was, maar in het noordwesten klopte het wel, inclusief die zon in de middag. En in het noordwesten zat, bij Anna Paulowna, een blonde ruiter. De rekensom was gauw gemaakt.
Die rekensom viel wel een beetje in duigen toen nog in de trein het bericht binnenkwam dat de hele bende was opgevlogen en blonde ruiter vooralsnog niet was teruggekeerd. Een half uurtje later stond ook ik langs de Middenweg te speuren over het betreffende ondergelopen bollenveld. Volop bontbekplevieren, kemphanen, kleine strandlopers, wat krombekken ook, zelf vond ik gestreepte strandloper terug, ja, het was er heel gezellig maar geen blonde ruiter. Een passerende slechtvalk joeg alles de lucht in. Dat is dus hoe vanmorgen blonde ruiter is opgejaagd, dank nog daarvoor. Ja, slechtvalken, ze zijn soms erger dan sommige fotografen.
Na een uur wachten namen we even tijd voor iets anders tussendoor, althans, dat was de bedoeling: ik kon meerijden met Herman van de Brand om even een roodpootvalkje op te strijken bij Hippolytushoef. Kwartiertje rijden maar. We stonden nog onze spullen in te laden toen we werden teruggeroepen: hij zat er weer. Helaas niet voor lang: toen we weer paraat stonden was het groepje alweer vertrokken. Alweer te laat dus. We bleven toch nog maar even de wacht houden, hij zou vast nog wel een keertje terugkomen. Het plan roodpootvalk was voorlopig van de baan.
Toen het stiller en stiller werd op ons ondergelopen veldje, toen we nog hooguit met moeite een enkele bontbekplevier konden vinden, toch maar weer tussendoor iets anders: een kilometer of twee verderop waren twee grauwe franjepoten gemeld en die zouden het gemis aan blonder ruiters nog een beetje goed kunnen maken. Leuke soort immers. Dus effe een stukje gefietst, zonder veel moeite (dat mocht ook weleens) twee grauwe franjepoten toegevoegd aan de jaarlijst en terug naar ons stekkie, waar de situatie ongewijzigd was.
Ik was al bezig mijn zegeningen te tellen, gestreepte strandloper en grauwe franjepoten: niks te klagen, en was bijna weer op weg terug naar Anna Paulowna toen de finale melding binnenkwam: blonde ruiter ter plaatse in ‘Breezand - Buitengebied’.
Een minuut of 20 fietsen later stond ik aan de Koningsweg bij Breezand. ‘Is het nu eindelijk prijs of opnieuw vergeefs moeite?, vroeg ik. Men kon mij geruststellen: het was prijs en al gauw stond ik te kijken naar een prachtige blonde ruiter. Want wat een mooie vogel is dat, die zonnige tinten, die fijne tekening van het verenkleed, die parmantige gestalte, het is zo’n vogel die best lastig is uit te leggen maar die je in de praktijk in één oogopslag herkent. Ik heb ze wel eens dichterbij gehad dan deze maar hij was erg fijn en een welverdiende beloning voor alle moeite vanmiddag, vond ik. Al vraag ik me altijd af waarom je beloond zou moeten worden voor wat je het allerliefste doet. Het is niet bepaald een opoffering om rond Anna Paulowna ondergelopen veldjes af te speuren op zoek naar leuke steltjes. Hoe dan ook, ik was klaar. Terug naar Anna Paulowna.
13 september 2026
Mijn weblogkasteel
Geen opmerkingen:
Een reactie posten