zondag 4 oktober 2026

Maasvlakte

Het was een volmaakt uurtje, in alle vroegte op de Maasvlakte. (Nou ja, zo heel vroeg was het nou ook weer niet maar we waren wel heel vroeg vertrokken.) De beoogde witkeelgorzen, grote zeldzaamheden van de andere kant van de Atlantische oceaan, waren meteen binnen. En zo stond ik minuten lang te kijken naar mijn tweede lifer binnen een week! Ze liepen te foerageren in de vegetatie vlak naast de parkeerplaats, soms op amper een paar meter afstand. En het zijn behalve zeer zeldzame ook nog eens prachtige beestjes dus het waren onvergetelijke minuten.
Daarmee is dit verhaal gauw verteld. Geen spannende vertelling vol hindernissen en belemmeringen. Die bestonden dit keer hooguit uit de files onderweg, waardoor we niet zo vroeg ter plaatse waren als we hadden gehoopt en we onderweg steeds moesten vrezen dat de vogels gevlogen zouden zijn tegen de tijd dat we gearriveerd waren. Daar was echter geen sprake van. We zagen bij onze aankomst de vogelaars al staan kijken en die stonden inderdaad te kijken naar beide witkeelgorzen.
Tussendoor nog even naar een wilgenbosjes een kleine honderd meter verderop voor aldaar verblijvende bladkoning. Was er nu tenminste nog sprake van enige spanning? Nee hoor, ook die was al gauw binnen en was aardig zichtbaar aan de rand van het bosje. Al was-ie ook al gauw weer in de diepte van het struweel verdwenen en was-ie daarna nog tamelijk lastig. Maar met enig geduld en toewijding lukte het om hem een paar keer leuk in beeld te krijgen en enkele keren liet-ie ook van zich horen.
Terug naar de gorzen die zich nog steeds heel gewillig lieten zien en aanzienlijk meer aandacht hadden voor de zaadjes en de larfjes en wat er maar voor eetbaars te vinden was daar in het gras, dan voor ons. Ze verhuisden nog naar een naastgelegen struikje, vlakbij dat van bladkoning, maar daar was het al niet anders: ook daar waren ze geweldig te zien, foeragerend op de besjes en daarna ook weer in het gras.
Het blakobosje bleek ook nog goed voor draaihals maar deze bonus was dan weer wel heel lastig. Het leek zelfs een kansloze zaak, tot ik hem ineens heel even dichtbij in beeld kreeg. Ik zag niet eens de hele vogel maar wel het fraaie en zo karakteristieke verendek: onmiskenbaar draaihals, zag ik nog net voor-ie weer uit beeld verdwenen was. Later zag ik hem nog een keer, iets minder dichtbij maar wel iets langer en nu wel de hele vogel.
Louter succesverhalen dus dit keer. En intussen waren nog steeds de witkeelgorzen onverstoorbaar bezig zich niets van ons aan te trekken.

1 oktober 2026

Mijn weblogkasteel