woensdag 23 september 2020

Woensdag 19 augustus 2020

Vanmorgen weer bijtijds de deur uit, dit keer voor een tochtje langs het Zwin. Erg leuk en rijk aan steltloper was het aan het uiteinde. Geen topsoorten maar van onder andere zwarte en groenpootruiter, twee kanoeten, kluten, lepelaars, prachtige kleine zilverreigers + twee keer grote, enkele rosse grutto's, een regenwulp en dit keer ook de nodige bontjes en bontbekken, wordt ik best blij.
We zijn tamelijk lui hier op onze vakantie. Ik ook, tot nu toe. Vandaag pas diep in de middag, inmiddels zonnig en warm, weer op pad. En dan ook nog gewoon maar een stuk door de buitenste duinen langs Cadzand naar het oosten en over het strand, slalommend om de badgasten, weer terug gewandeld waarna ze met zijn drieën gingen zwemmen terwijl ik vergeefs over zee tuurde.
Tussendoor zitten we veelal in ons tuintje te lezen of iets anders te doen, met als we er even tussendoor onze ogen op richten zicht op een dichte struweelwal ter afscheiding van ons poldertje waar we vanuit ons slaapkamerraam nog net enig zicht op hebben. Het gekke is trouwens dat ik al vrijwel geen idee meer heb waaruit dat iets anders zoal bestond.
's Avonds uit eten, bij de Italiaan op het eethuispleintje helemaal aan de andere kant van Cadzand. Buiten op het terrasje, maar wel overdekt en dat was nodig want intussen regende het flink.


Verder lezen? donderdag-20-augustus-2020





Dinsdag 18 augustus 2020

Vanmorgen min of meer vroeg met Renske naar de Verdronken Zwarte Polder gefietst, bekend en mooi natuurgebiedje aan zee bij Nieuwvliet Bad waar ik (ook) nog nooit geweest was. Dat was alvast één lifer. Een oud stuk (inmiddels) buitendijkse polder heroverd door de zee. In 1623 ingepolderd en in 1802 weer overstroomd. Wat rest is een paradijsje voor de natuurliefhebber: een oude kreek, kwelders, rietvelden, jonge duintjes en een strandvlakte met bij hoogwater ondiepe slenken, alles omarmd door de nieuwe zeedijk die het achterland beschermt tegen nog meer overstroming. Paradijs ook voor vogels en voor zeldzame kustplanten als lamsoor, zeepostelein, blauwe zeedistel en (ook hier) zeevenkel. Doelsoort hier was graszanger en die liet niet op zich wachten. Zong meteen al bij aankomst uitvoerig en liet zich ook fraai zien, zowel in zangvlucht als in zit. Verderop mogelijk ook nog een tweede. De zon scheen en een zomertortel vloog langs.
Na een lange pauze 's middags met zijn allen naar Retranchement gefietst, ons buurdorp. Langs het kanaal en langs schrale graslanden. In Retranchement een korte blik op het oude dorpje, klein maar fijn, een terrasje met ijs dat nogal duur was maar wel lekker, en daarna een mooie wandeling over het zuidelijke deel van de vesting, de oude verdedigingswerken die in 1604 zijn aangelegd in opdracht van prins Maurits. Stukje vaderlandse geschiedenis en inmiddels natuurgebied in bezit van het Zeeuws Landschap. Wallen, meidoornstruwelen, waterpartijen en schrale velden. Mooi en bloemrijk, en warm bovendien, in de zon. Terug langs het Zwin.
's Avonds nog even in mijn eentje om ons poldertje, langs het Zwin en door de duinen gewandeld. Wordt een beetje mijn traditionele vaste ommetje.











Maandag 17 augustus 2020

Vier keer weggeweest vandaag. Dat kan minder maar soms gaat dat zo. Vanmorgen vroeg, heldere lucht boven laag hangende mist, door de duintjes naar Cadzand Bad gelopen en in Cadzand Bad tijdje vanaf het piertje van de jachthaven over zee staan kijken. Nog niet veel te beleven, de herfst moet ook nog beginnen natuurlijk. Wel onderweg onder andere zang van cetti’s zanger en overal roepjes van zwartkop en tjiftjaf.
Daarna met zijn allen naar de Zeemeeuw (onze lokale strandtent) voor lekkers en naar Cadzand Bad voor boodschappen en fietsen. In mijn eentje vervolgens langs het Zwin gefietst tot zo'n beetje het uiteinde, waar de dijk afbuigt en naar België voert. Daar blijken nog mooie stukken plasdras te zijn met slikken en zandplaten en veel vogels. En een leuk uitzichtplateau met zicht op slikken en zandplaten en veel vogels. Vooral de kluten waren fraai. En de kleine zilverreigers af en toe vlakbij. Boven België een zoveelste dreigende buienlucht waarvan een staartje viel op de terugweg. De luchten zijn mooi en indrukwekkend de eerste dagen van onze vakantie. Soms lijkt het plaatselijk wel nacht, een stukje hel op aarde, terwijl van een andere kant de zon erop schijnt. Zonder andere zaken tekort te willen doen misschien wel de meest spectaculaire attractie van de vakantie tot nu toe.
Na het eten tenslotte met zijn drieën een tochtje de binnenlanden in. Door akkers en velden en over dijkjes die de gemiddelde vakantieganger op zoek naar strandgenot wellicht nooit te zien zal krijgen. Onder andere naar Cadzand dorp. Cadzand Bad is weinig meer dan de nogal megalomane Boulevard de Wielinge, met sjieke badhotels in meerdere lagen, enkele landhuizen teruggetrokken achter hermetisch hekwerk en enkele winkel- en eethuispleintjes. In de paar straatjes achter de boulevard woont zo te zien vrijwel geen mens, bijna alle behuizing is voor toeristen bestemd. Geparkeerde auto's zijn in meerderheid Duits of Belgisch. In Cadzand Dorp, enkele kilometers landinwaarts, wonen wel mensen. Cadzand Dorp is een charmant dorpje met stille straatjes waar de geparkeerde auto’s in meerderheid Nederlandse nummerborden hebben, met bescheiden woonhuisjes en onder andere een mooie oude kerk, met sierlijk torentje geflankeerd door twee statige zijbeuken. Even buiten het dorp loopt de Vierhonderd Polderweg, een mooi dijkje dat slingert langs bosjes en bosranden, boerderijen en akkers. Af en toe mooie ruige hoekjes en oude waterlopen en daarachter de uitgestrekte akkers van de Zeeuws Vlaamse binnenlanden. Al bij al een heel ander aspect van de omgeving dan we tot nu toe meemaakten. Mijn vakantievogellijst gespekt met soorten als huismus en turkse tortel en in donker terug.








Zondag 16 augustus 2020

Warm, zonnig, een apocalyptische buienlucht, een bui met hoog gedonder maar zonder het spektakel waarop we gehoopt hadden, en een mooie zachte avond met opklaringen. Aldus vandaag in het kort.
Vanmorgen met Renske over de dijk richting binnenland gelopen. Naar het zuiden dus. Mooie zichten weer, over de kwelders en de strandvlaktes tot diep in België. Het is een soort niemandsland: hier Nederland, daar België en daartussen het Zwin. Aan de andere kant is het een stuk alledaagser, hoewel toch evengoed een voor ons nieuwe wereld: de uitgestrekte akkers van de Zeeuws Vlaamse binnenlanden. We bezichtigden onder andere de grenspalen die hier in het landschap staan, vanwege de onbegaanbaarheid van grote delen van het Zwin zelden precies op de grens. Die loopt deels midden door de hoofdslenk.
Geen grote vondsten vandaag maar slechtvalk en zwartkopmeeuw waren best te pruimen. En vanavond met Harriët onder dreiging van nieuwe buienluchten door de duinen naar zee en over het strand en langs de monding van het Zwin weer terug gelopen.








Zaterdag 15 augustus 2020

Aankomst te Cadzand. Of beter gezegd: Cadzand Bad. Of, nog preciezer: Retranchement, want daartoe schijnen we officieel te behoren, de komende twee weken. Al is het allemaal gemeente Sluis. Na een lange reis met trein, boot en belbus (haltetaxi heet dat hier), waarbij alles klopte, aansluitingen, reserveringen, e-tickets, betreden we een wat mij betreft gezellig huisje met een wat mij betreft gezellig tuintje op een eenvoudig vakantieparkje waar je zomaar in een paar minuten langs een stukje spannende ruige polder met rietvelden en poeltjes met watersnippen naar een ruige stuifdijk loopt van waar je fraai uitzicht hebt op het Zwin. Strandvlakte met slenken, verre zichten diep in België (Knokke, Zeebrugge), kleine zilverreiger, grote sterns, op het dijktalut zeevenkel (lifer, en zeldzaam) en fraaie wolkenluchten in een verder heldere hemel. Vanavond ondergaande zon en spannende buienluchten met onweergerommel van buien die niet vielen. Althans, niet bij ons.
We zijn klaar voor een fijne vakantie waarin niets buitensporigs, niets heroïsch gaat gebeuren. Aan meer heb ik geen behoefte. Materiaal voor meeslepende reisverhalen zal hopelijk ver te zoeken zijn.


Verder lezen? zondag-16-augustus-2020

Of: Wijnhoeve de Heikant Groesbeek








maandag 14 september 2020

Fitis

Drie uit vier vandaag! Jawel, gewoon volhouden en op een keer komt het goed. Drie uit vier dus, met heel misschien een flinke bonus. De gegadigden waren steppevorkstaartplevier, steppekiekendief, gestreepte strandloper en grauwe fitis, allemaal gisteren gezien bij Camperduin en Petten. Op alle vier mocht ik natuurlijk niet hopen, maar eentje, dat kon toch wel? Of twee misschien? Met twee uit vier zou ik volmaakt tevreden zijn.
Toen ik Camperduin naderde, was alleen gestreepte strandloper nog maar gemeld. Toch eerst nog even wat in de polder hier en in de Putten gekeken, maar daarna door naar het ondergelopen bollenveldje voorbij Petten waar gestreepte gemeld was. Daar niet alleen die gezien, tot volle tevredenheid want hij liet zich meestal fraai en af en toe fantastisch zien, maar tussen de tientallen kemphanen onder andere ook twee prachtige kleine strandlopers, een paar handenvol mooie juveniele krombekstrandlopers, bonte strandlopers, een paar zwarte ruiters en een paar groenpootruiters. En dat alles op soms pakweg honderd meter afstand maar soms ook op slechts enkele tientallen. Het was zo’n heerlijke groep steltlopers waar je met alle plezier een uur aan besteedt en die al die al dan niet gemiste zeldzaamheden bijna tot bijzaak maakt. Want weinig is zo leuk als stelten kijken.

Daarna richting de Putten en uiteindelijk vanaf de Hondsbossche zeewering een tijdje een stuk weiland vol goudplevieren zitten afspeuren. En ineens zag ik hem, korte tijd rondvliegend boven het veld. Lange en spitse vleugels, witte stuit, donkere ondervleugels en ook los daarvan een onmiskenbare steppevorkstaartplevier. En weer geland en weer uit beeld.
Toen-ie vooralsnog niet meer tevoorschijn wilde komen, een tijdje over zee staan kijken en toen dat niets opleverde, de laagte tussen Hondsbossche zeewering en de nieuwe zeeduinen ingedoken. Grauwe fitis was daar weliswaar de hele dag nog niet gemeld maar je kon niet weten. En warempel: ineens in het struikgewas een mooi, helder gekleurd phyllootje. Even kreeg ik hem mooi in de kijker: zeer markante oog- en wenkbrauwstreep en een duidelijk vleugelstreepje. Ik had grauwe fitis teruggevonden! Dutch Bird-alert verstuurd, een vogelaar verderop gewenkt en vervolgens geruime tijd, eerst met zijn tweeën en later met een groeiend groepje vogelaars, de vogel uitgebreid bekeken. Die liet zich af en toe geweldig zien. Het was verreweg mijn beste grauwe fitis tot nu toe. Als het een grauwe fitis was. Want er blijkt inmiddels discussie gaande over de vogel: is het geen groene fitis? Dat zou natuurlijk een bonus van jewelste zijn: vele malen zeldzamer (pas de derde voor Nederland) en voor mij een lifer die ik eerder dit jaar op Texel heb moeten laten lopen. Zoals ik al zoveel heb gemist dit jaar. Deze zou, als het inderdaad een groene is, alles goedmaken. En daar zijn wel een paar argumenten voor vind ik. De vogel oogde echt heel erg groenig; het grijsgroen op rug en vleugels neigde af en toe naar zuiver mosgroen. De wenkbrauwstreep was nogal gelig en reikte (net) niet tot aan de snavel. Keel en borst waren helder witachtig met iets van een gele zweem en zeker niet vuilwit vond ik. Wat ook opviel: de vogel reageerde duidelijk op roepjes en nog beter op zang van groene fitis. Kwam bij afspelen echt opvallend onze kant op. Ik hoorde zeggen dat-ie gisteren juist helemaal niet op geluidjes van grauwe fitis gereageerd had. Voor wat het waard is hoor, ik vraag me af of-ie zelf het verschil wel kent, aangezien beide tamelijk op elkaar lijken.
Er zijn natuurlijk ook argumenten tegen, zoals te weinig geel op de onderzijde (al schrijft Van Duivendijks kenmerkengids: ‘West-Turkse populatie vrijwel zonder geel op onderdelen’ maar aan de andere kant: voor een verse juveniel als deze zou dat dan weer niet opgaan) en een te bescheiden kop en snavel. Het zal al met al wel niet voldoende zijn voor een extreme zeldzaamheid als groene fitis. Maar groene of grauwe, een geweldige waarneming was het hoe dan ook.

Tenslotte nog geprobeerd iets meer van die steppevorkstaartplevier te zien te krijgen. Veel goudplevieren maar ik kon hem er niet tussen vinden. Steppekiek vertoonde zich aan mij de hele dag niet.

12 september 2020

Leersumse veld

Ik wil niet klagen want natuurlijk, er is veel erger leed in de wereld en wie het kleine niet eert enzovoort, ja dat kennen we nou wel maar ik moet het toch even kwijt: ik ben echt bijna alles misgelopen wat ik maar mislopen kon sinds ik terug ben van vakantie. Oké, woudaap was er nou eenmaal niet meer dus die telt niet mee en duinpieper kon ik nog net wel meepikken. Maar hop: twee keer geweest maar niets. Ortolaan: twee keer op Soesterberg geweest en de tweede keer werd-ie zelfs gezien waar ik bij stond, maar niet door mij. Roodpootvalk te Soesterberg: niet toen ik er was. Krombekstrandlopers Hoogekampse plas: net te laat. Blonde ruiter bij Schiedam: ik zag hem nog net overvliegen. En slangenarend in de Zodden: heb er twee uur gestaan maar toen geen slangenarend en ook daarna niet meer. Ach, zo gaat dat soms, het leven en zo ook het vogelen verloopt niet altijd, meestal niet zelfs volgens schema's van redelijkheid en rechtvaardigheid. Nee, je krijgt niet elke keer wat je verdient. Soms heb je gewoon een heleboel pech en als dat je alleen overkomt bij het vogels kijken, mag je je gelukkig prijzen. Dus elke keer weer laat je het van je afglijden want dippen hoort erbij, maar elke keer voelt het een beetje rotter en uiteindelijk gaat het toch zeuren. En je probeert het gewoon nog een keer. Dus vanmorgen naar het Leersumse veld op zoek naar draaihals. Gelukkig is het Leersumse veld sowieso leuk, mooi en spannend in deze tijd van het jaar. (Dat geldt trouwens evengoed voor Soesterberg en voor de uiterwaarden bij Vianen, voor de Zodden enzovoort; dat is altijd een goeie smoes om toch weer te gaan: ook zonder succes een mooie plek en leuke vogels.)
Een mooie zonnige nazomerdag met de hei in nazomerstandje: volop bloeiend. Juveniele boomvalk, zingende boomleeuwerik, roodborsttapuiten, allemaal een tochtje naar het Leersumse veld waard. Aangekomen bij een mooi grazig stuk met woekerende braamstruwelen en een paar lossen boompjes en een stel koeien die zich nieuwsgierig aan ons opdrongen, stonden al enkele mannen te turen. Vergeefs, tot zover, al was er al wel een melding vanmorgen dus hij moest er nog zitten. Maar voorlopig ‘slechts’ nog meer roodborsttapuiten, een zwarte roodstaart en een mooie boomleeuwerik ter plaatse. Ach, het is in elk geval iets. Meer toeloop, niet alleen van ervaren vogelaars eerlijk gezegd. Even alarm: er worden twee spannende vogels ’gespot’. Het zijn boomleeuweriken. Ach, het is iets. Ik zie intussen de bui al hangen: een volgend wagonnetje aan mijn loosing train. We wachten, we speuren, alsmaar niets, maar dan ineens: draaihals open en bloot bovenin een braamstruik! Het duurt misschien tien tellen maar wat een heerlijke tien tellen zijn het. Dan duikt-ie omlaag en komt niet meer tevoorschijn, althans, niet tijdens mijn aanwezigheid.

11 september 2020