maandag 13 juli 2026

Kanoet

Grote kanoet op Texel. Al enkele dagen aanwezig, overtijend in de Bol en naar verluid van tijd tot tijd prachtig te zien vanaf de molen Het Noorden aan de Krassekeet. Een geweldige soort natuurlijk maar tot nu toe had ik hem genegeerd. ‘Ik koesterde de vorige op Texel’, zoals Jeroen schreef. Maar er komt dan vaak toch een moment, in elk geval bij mij, dat het glas overstroomt en je toch naar Texel moet. Daarbij zijn krachten aan het werk die mijn mentale vermogens te boven gaan. Dus met de trein naar Den Helder, met de boot naar ’t Horntje en van daar met de vouwfiets naar het noorden.
De vogel beweegt mee met het getij: bij laag water zit-ie op het wad om bij opkomend tij op een gegeven moment het eiland op te gaan. Gisteren was de eerste melding om even na 11 uur en elke dag is het ongeveer een uur later hoog water. Dus toen ik om even voor tienen van de boot fietste, was ik aan de vroege kant. Dat-ie nog niet gevonden was toen ik bij de molen arriveerde, verontrustte me dan ook niet. Er zaten wel al honderden rosse grutto’s en kanoeten en een paar zwarte ruiters, maar grote kanoet had zich nog niet laten zien. Het was dus nog even wachten, en zoeken natuurlijk.
Na nog niet eens zo heel lange tijd sprak iemand achteloos de bevrijdende woorden ‘Ik heb hem’. Daarmee was het wachten tot een goed einde gebracht. Maar het zoeken nog lang niet want het beestje hield zich hardnekkig schuil tussen genoemde honderden rosse grutto’s en kanoeten en de aanwijzingen waar te zoeken hielpen maar matig: met die honderden rosse grutto’s en kanoeten was ‘achter een rosse grutto’ of ‘tussen twee kanoeten’ niet heel specifiek. Het was een ware oefening in geduld die ik maar ternauwernood succesvol wist te volbrengen maar uiteindelijk bood een bosje pitrussen op de achterliggende oever verlossing: eindelijk vond ik hem. De zwartachtige borstband, de rossige veren in de verder ook zwartachtige bovendelen (minder kleurrijk dan ik me van de vorige herinner; die was dan ook in mei dus mogelijk zijn de veren nu wat meer gesleten dan ze toen waren) en de zwarte stipjes langs de flanken verrieden hem: het was er echt een! Meest zat-ie (half) verscholen achter een of twee van die honderden rosse grutto’s en meest zat-ie te slapen met kop en snavel in de veren, maar af en toe werd-ie wakker, stak zijn kop uit de veren en zette een paar stappen. Meestal duurde het maar een paar tellen voor-ie zijn snavel weer in de veren stak, de fotografen waren er niet over te spreken maar voor mij was het voldoende voor telkens weer een moment van bijna tastbare euforie, voor telkens weer een blik op een grote kanoet in volle glorie. Prachtig gezien dus, en de onderneming ruimschoots waard. Ik kan hem iedereen aanraden. Zolang het nog kan.

8 juli 2026


Mijn weblogkasteel

Meer: Grote kanoet

Geen opmerkingen:

Een reactie posten