woensdag 25 september 2019

Als het niet gaat zoals het moet …

… dan moet het maar zoals het gaat. De uitspraak schijnt trouwens al door de oude Grieken te zijn gebezigd ('Wens niet dat alles gebeurt zoals jij het wilt, maar wil dat de dingen gebeuren zoals ze gebeuren, en het zal je goed gaan', Epictetus rond 100 na Chr. Hij was vertegenwoordiger van de Stoïcijnen voor wie dit ongeveer het basisprincipe was van hun levensleer. Aldus mijn broer Hans die meer thuis is dan ik in deze oude filosofieën), dus je voelt je wel een beetje onderdeel van duizenden jaren oude Europese culturele tradities als je die zelf in de mond neemt. Omdat de dingen weer eens net niet helemaal gaan zoals je gehoopt had. Wat nogal eens het geval is, dat zal ieder kunnen beamen. Ook de oude Grieken wisten dat dus al.
Een snelle actie vanmiddag. Eerder was er al melding geweest van een overvliegend roepje in Noordwijkerhout. Vanmiddag was er ineens de melding dat de vogel die bij dat roepje hoorde ter plaatse was: werk aan de winkel. Want het was niet zomaar een lifer voor me, het was een lang verwachte wenssoort waarvan ik ieder jaar denk dat het dit jaar eindelijk eens tijd wordt. Er zijn veel zeldzamere soorten die ik al meerdere keren gezien heb. Drie bonte tapuiten, om maar wat te noemen, drie bairds strandlopers, drie blauwstaarten, twee brilzee-eenden, twee cirlgorzen, twee geelsnavelduikers en ga zo maar door, maar deze nog nooit, hoewel toch een jaarlijkse soort in Nederland. Maar al jarenlang niet fatsoenlijk twitchbaar. Dus toen deze wel twitchbaar leek, onmiddellijk met trein en bus naar Noordwijkerhout en zoeken maar.
Avontuur! Waarlijk avontuur is de hedendaagse westerse mens vreemd, in elk geval de meeste. Dit is voor sommige van ons wat daar misschien nog het dichtste bij komt: struinen door stedelijke wildernis, loeren in bosjes, peuren tussen kluwen van plantenresten en elke passerende vogel nastaren, steeds op zoek naar de heilige graal van de dag: de bosgors van Noordwijkerhout.
Zwartkopje, vinken, af en toe een vluchtende zanglijster wier getik zo verraderlijk lijkt op dat van bosgors maar die liet het vooralsnog afweten. Het gemoed zakte weer rap in, zoals zo vaak maar dit keer niet voor lang: al na pakweg een half uurtje ineens een gorsje luid tikkend opvliegend uit een struikje. Formaat rietgors, duidelijke witte staartzijden: dit was hem, geen twijfel. Dook verderop het struweel weer in dus daar stonden we, steeds dichter rond dit ene bosje, tot de vogel opnieuw luid tikkend opvloog en in een volgend bosje verdween.
Met inmiddels een man of dertig stonden we rond het bosje waarin de vogel het laatst verdwenen was en de vogel gaf geen kik. En we vroegen ons af of dat ook zo geweest zou zijn als we er niet zo met zijn allen omheen hadden gestaan. We zullen het nooit weten, want dan hadden we hier niet gestaan. Dit is natuurlijk een heel wezenlijke wetenschapsfilosofische kwestie, bijna kwantummechanisch van aard: de invloed van de waarnemer op het (beoogde) object van waarneming. Dat-ie geen kik geeft, omdat je daar met zijn allen staat; dat-ie zich niet roert, omdat je hier staat te turen. Als de weeping angels, die alleen bewegen als je niet naar ze kijkt. We turen diep het takkenbos in, lopen er om de beurt omheen en wachten af, de meesten rustig, sommigen, net gearriveerd, ongeduldig. Tot de vogel opnieuw roepend opvliegt en verderop in een bosje verdwijnt. Enzovoort.

Aldus de vogel een aantal keer luid en duidelijk over me heen zien vliegen, maar geen enkele keer ter plaatse gezien. Ach, als het niet gaat zoals het moet, dan moet het maar zoals het gaat. De regen die de hele middag al in de lucht hing, begon serieuze vormen aan te nemen. We schuilden onder een nogal dikke boom en toen het weer min of meer droog was, naar huis gegaan. Effe een lifertje gescoord: kun je alleen maar tevreden mee zijn.

24 september 2019

Het vervolg: Noordwijkerhout revisited




1 opmerking:

  1. Guus het is lezen en genieten van die opmerkingen over gemiste spots en vooral het kijken op de heen en terugweg

    BeantwoordenVerwijderen