maandag 12 maart 2018

Havik

Ik was eigenlijk voor een amerikaanse smient naar Leiden en van daar met de vouwfiets richting Lentevreugd afgereisd. Maar ja, amerikaanse smient vertoonde zich vandaag niet. Volop krakeenden en smienten, maar geen amerikaan. Ach, geen halszaak, wat is nou helemaal een amerikaanse smient? Een aanleiding om weer eens op Lentevreugd te gaan kijken? Dus toen ik ruim de tijd genomen had om me te verzetten tegen het onvermijdelijke, namelijk opnieuw een dipje te moeten verwerken(opnieuw ja, ik heb er al een paar meer beleefd de afgelopen twee weken), belandde ik op Lentevreugd, natuurgebiedje tegen de duinrand ten noorden van Wassenaar aan met een naam die niets dan goeds belooft. Zeker in deze tijd want het voorjaar spatte er vanaf. De zon scheen, speenkruid bloeide, heggemussen en zanglijsters zongen en buizerds schroefden hoog in het lentezonnetje. En op Lentevreugd zongen aan alle kanten de graspiepers en in de verte ook de boomleeuwerik, die heerlijke boomleeuwerik die je bijna het gevoel geeft dat je hem alleen maar droomt.
En op Lentevreugd stond ik ineens bijna oog in oog met een volwassen vrouw havik. Op amper tien meter, of misschien twintig, zat ze met de poten in een ondiep poeltje. En onder die machtige poten van haar bewoog iets, af en toe. Terwijl uit het riet het angstige gepiep klonk van een waterhoen. Af en toe, als moeder havik blijkbaar even wilde zien hoe het ermee stond, was onder die poten een zwarte verenbol zichtbaar waaraan aanvankelijk soms nog even een vleugel fladderde waarna moeder havik het geval gauw weer onder water dompelde. En toen het laatste leven uit die verenbol was vertrokken, vloog ze ermee weg. Helaas, Nederland was een waterhoen armer.
Het is de natuur hè. Mensen die niet beter weten, doen wel graag romantisch en verheven over die natuur, waarin alles zo mooi op elkaar is afgestemd, alles zo mooi in een natuurlijk evenwicht is, maar het is niet altijd een pretje daar, voor de meeste deelnemers. Nou ja, dat wisten we natuurlijk allang, maar het mag nog wel een keer gezegd worden.
Me ook nog even bezig gehouden met een mooie torenvalk die er rondhing, ook al zo’n moordenaar. En een keep, drie holenduiven, rouwkwikstaart, al met al voldoende compensatie voor een gedipte amerikaanse smient.

11 maart 2018



Geen opmerkingen:

Een reactie posten