donderdag 18 september 2014

Beijum

Het was weer eens in Beijum te doen. Blijft toch een magisch wijkje, daar in het noorden aan Groningen vastgeplakt. De soort was dit keer iets minder prominent dan de vorige keren maar toch: blauwstaart. Weinig woonwijken in Nederland die die op hun naam hebben staan. Dus weer eens de verre reis naar Groningen ondernomen, blauwstaart was immers voor mij alweer een jaar geleden en ik wilde niet weer negen jaar moeten wachten op mijn volgende. Het fietstochtje naar Beijum herinnerde ik me nog wel en daar stond ik, temidden van de vogelende menigte die hier kind aan huis is, op de vertrapte modderveldjes langs tuintjes en groenstroken die ook ik inmiddels zo goed ken. Al bij aankomst vloog een vogeltje langs me heen dat verdween in een naastgelegen tuin. Dat was ‘m, wist men me te vertellen. Mooi zo, binnen, ik kon naar huis. Maar ik bleef nog even. En dat bleek de moeite waard: al gauw was de vogel fraai zichtbaar in de kale rode takken van een rode kornoelje. Af en toe foerageerde hij even op de grond om gauw weer de kornoelje in te verdwijnen.
In de pakweg twee uur dat ik in het wijkje verbleef, sluipend door steegjes en langs heggen en schuttingen achter elk nieuwtje omtrent de vogel aan, heb ik hem nog enkele keren mooi gezien. Een bevredigende twitch dus. Tussendoor nog even op de bekende plekken van weleer wezen kijken. Van bruine lijster en van grijze junco helaas geen spoor.

26 november 2017


Meer Beijum: Groningen

Geen opmerkingen:

Een reactie posten